Augustinusleesgroepje: zing het nieuwe lied!

Het Augustinusleesgroepje over als pelgrims onderweg, vriendschap, tranen, bidden en zingen op dinsdagavond 12 februari 2019

De avond begint met een gezamenlijk gebed in de kapel. Uit het boek Als een arend herleeft mijn jeugd worden twee teksten voorgelezen en iedereen mag daarna verwoorden wat hem of haar treft.

Volgende gedachten zijn mij bijgebleven:

  • Vriendschap: een vorm van “welwillendheid” om elkaar te verdragen. Augustinus zegt over zijn beste vrienden: “Een ander ik, de helft van mijn ziel”. Die verbondenheid gaat over de dood heen, want Christus is het bindmiddel tussen mensen die in liefde met elkaar verbonden zijn.
  • Verdriet en tranen. Augustinus met zijn diep gevoelsleven kent tranen van vreugde én van verdriet. Bij sommige kerkelijke vieringen is hij ontroerd van geluk. Bij zijn bekering vloeien er tranen. Er is de droefheid bij het overlijden van zijn moeder, zijn zoon, zijn vriend. Troostend is hij er voor Sapida die haar broer verloor: “Zijn geweven kleed vergaat; een mens wordt bekleed met een onvergankelijk gewaad voor het eeuwig leven”.
  • Zingende pelgrims onderweg. Als gelovige pelgrims zijn we onderweg naar Jeruzalem, ons aller moeder. Zingen doet ons gelovig verlangen groeien. Na het oude komt iets nieuws. “God is jong”. Wie het nieuwe lied zingt, zingt tot lof en dank aan God. Daarom zingen we tijdens 50 dagen na Pasen: “Alleluia”! (50 is symbool van de vreugde).

Bij het avondmaal zingen we samen, als kleine gemeenschap het lied: “Laudate omnes gentes”… ja, loof God, alle volkeren! Marie-Louise V.